Een steinerschool leeft op het ritme van de seizoenen. Jaarfeesten spelen hierbij een belangrijke, pedagogische rol. Ze helpen ons om de tijd te ordenen en maken ons bewust van het verloop van de natuur en de zingeving ervan.
De jaarfeesten sluiten aan bij de traditionele christelijke feesten, maar door ze te vertalen naar de antroposofie, krijgen ze een inhoud waarin iedereen zich herkent. Zo vormen ze als het ware mensheid-feesten die aansluiten op de belangrijkste seizoens- en natuurwisselingen.
Het eerste jaarfeest van het schooljaar is het Michaëlsfeest. Het wordt gevierd op 29 of 30 september, als dag en nacht weer ongeveer even lang zijn, bij het begin van de herfst. Het is een tijd van het ontwaken tussen binnen en buiten.
Iedereen is in de zomertijd naar buiten geweest, heeft alle vier de elementen beleefd: de lichtkrachten van de zon, de wind aan de zee, het water, de aarde. Er was de warmte van een brandende zon of een gezellig kampvuur …
Aan het einde van die zomertijd is het goed om de balans op te maken: wat was van belang, welke ervaringen sterken mij om mee de winter in te nemen?
Ook de natuurkrachten maken een neerwaartse beweging, alles keert terug naar de aarde: bladeren en vruchten vallen van de bomen, het zonlicht neemt af Maar de oogsten worden binnengehaald en de rijkdom van de natuur bewaren we goed om het koudste seizoen door te komen. We vinden moed en kracht om de winter in te gaan.
De nazomer is een tijd van afscheid nemen. De vlammende kleuren van bomen en struiken laaien nog één keer op voor ze zich terugtrekken en ze de bomen en akkers leeg achterlaten.
Licht en donker, leven en dood zijn in deze periode nog even in balans, maar ook van het licht zullen we weer afscheid moeten nemen. Althans, van het uiterlijke licht.
Vanuit de traditie is Michaël de moedige engel die de draak verslaat. Die moed hebben wij ook nodig: de overgangstijd waarin wij leven, vereist geestelijke moed van ons. De moed om het in het donker van deze herfsttijd uit te houden, ons vertrouwen te bewaren en onze gevoeligheid te beschermen.
Het kwaad waartegen Michaël vecht, is geen macht buiten onszelf. De herfst is de uitgelezen tijd om de blik naar binnen te richten en ten strijde te trekken tegen de drakerigheid in onszelf. Daar is moed voor nodig. Wie het aandurft om zijn eigen duistere kanten onder ogen te zien, moet bereid zijn een stuk ego op te geven en dit te laten sterven. Dit vraagt een bijna bovenmenselijke, michaëlische moed.
Michaël wil ons helpen om de gebeurtenissen die op ons afkomen, te doorzien, zodat we weten op welke gebieden en op welke manier wij een geestelijke strijd met de draak kunnen voeren. De draak van de angst, die ons verhardt en ons onverschilliger maakt. De draak van de emoties, die te veel ruimte voor onszelf opeist en ons egoïstisch maakt. Michaël wil ons hier inzicht in schenken en leert ons daarbij de weg van het midden, van het evenwicht. Niet voor niets is hij een zonnegeest: verbonden met de zon en dus met liefde en hartenkracht.
Wellicht zijn alle draken in ons leven
Uiteindelijk prinsessen
Die er in angst en beven
slechts naar haken
Ons eenmaal dapper en schoon te zien ontwaken.
Wellicht is alles wat er aan verschrikking leeft
In diepste wezen wel niets anders dan iets
Wat onze liefde nodig heeft
Rainer Maria Rilke